Archief voor juni, 2010

En dan vergat ik nog een foto van de nieuwe huisgenoten …

Kleine Oona

Mammie Inneke

En toen waren ze plots met drie

Inderdaad : sinds zaterdag wonen er hier in huis 3 poezen.  Poezen inderdaad, 3 harige dames.

Opperpoes is natuurlijk nog steeds Fientje Poezenpluis. 

Maar nu wonen ook de moeder van Poppetje (jullie weten wel, overleden in november) en één van haar kittens bij ons : Mammie en Oona.

Zo’n kitten in huis zorgt uiteraard voor leven in de brouwerij, dat kan ik jullie wel verzekeren.  En zeker een rakker als Oona.

Volgens Machoman is Oona erger dan Fientje Poezenpluis en als je ziet wat we met Fientje allemaal meegemaakt hebben de laatste 4 jaar, dan staat er ons nog wat te wachten.

Ik vind het allemaal super.  De twee witte meiden vervangen Poppetje natuurlijk niet, dat is onmogelijk maar het was toch niet hetzelfde met alleen Fientje in huis.

En Fientje ?  Tegen alle verwachtingen in, is Fientje intussen al dikke vrienden met kleine Oona !  Die twee spelen samen en maken de gekste geluiden als ze elkaar zien.  Super vind ik dat.

En al dat poezegeweld in huis, zorgt natuurlijk ook voor extra veel afleiding voor mij :-)

Zonneschijn helpt

en af en toe eens goed zagen ook ;-)

Na de voorbije weken durf ik stilletjes hopen dat de neerwaartse spiraal terug de andere richting gaat uitgaan.  Vannacht voor de eerste keer sinds lang nog eens uuuuuuuuren aan een stuk doorgeslapen.  Ik kon mijn ogen bijna niet geloven toen ik vanmorgen wakker werd : 8 u 28 gaf de wekker aan. 

Ik moest twee keer zien om het te kunnen geloven.  Dat betekent dat ik 10 (jawel TIEN) uur aan een stuk doorgeslapen heb, zonder één keer wakker te worden.  Dat moet van 2005 of zo geleden zijn. 

En wat nog vreemder is : ik ben vanmorgen niet moe.  Ik ben uitgeslapen, wakker, alert, …   enfin, de dingen die een normaal mens voelt als hij elke ochtend wakker wordt.  Ik moet zeggen : een vreemde ervaring maar ergens in mijn onderbewustzijn weet ik dat het vroeger altijd zo was.  

Gaan slapen, goede nachtrust, uitgeslapen wakker worden.  Als je het zo opschrijft, ziet het er zo banaal uit.  Als je het al lang niet meer gekend hebt, dan zijn het gouden woorden.  Dan is het een unieke ervaring, pure luxe, uitzonderlijk genot.

Zo zie je maar dat chronisch ziek-zijn een mens nederig maakt en dat kleine, doodnormale dingen heel erg bijzonder worden.  Je wordt als het ware teruggeplooid naar de essentie van het leven.  Dat doet je nadenken over jezelf, over hoe je alles altijd als doodnormaal beschouwd hebt.

En uiteraard doet deze bijzondere ervaring mij hopen op beterschap.  Een kleine stap naar verbetering want genezing durf ik niet meer in de mond nemen, dat zou overmoedig zijn.

Vallen en opstaan, opnieuw vallen en terug opstaan, nog dieper vallen …

De laatste weken viert het CVS-spook weer hoogtij.  Bij elke herval vind ik het moeilijker en moeilijker om me erover te zetten en weer terug van nul te beginnen.

Momenteel is het zo dat ik mij terug even slecht voel dan pakweg 4 jaar geleden.  Dat is een behoorlijke teleurstelling omdat ik écht al wel perioden gehad heb waarin het veel beter ging.  Ik vind het vooral moeilijk omdat ik intussen al wel geleerd heb hoe moeilijk het is om na elke herval weer beter te worden.

Omdat ik er het karakter niet naar heb om op te geven (gelukkig maar), kruip ik elke keer weer uit die diepe put van pijn, vermoeidheid en alle andere ellende die erbij hoort maar makkelijk is anders.

Ik had gehoopt om rond deze tijd terug actief te kunnen deelnemen aan de samenleving, dingen te kunnen doen, te kunnen genieten van kleine dingen, zelfs misschien terug een beetje te kunnen werken.  Maar het is ijdele hoop geweest.

Ondanks het feit dat de behandeling van mijn huidige dokter in het begin écht wel vruchten afwierp is het jammer genoeg na verloop van tijd hetzelfde als bij de vorige dokter.  Eerst is er verbetering en gaat alles elke dag beter, dan lijkt het of je lichaam gewoon wordt aan de medicijnen en de behandeling en er geen effect meer is.  Dag na dag kan je minder, dag na dag moet je meer rusten.  Eerst merk je het nauwelijks, je denkt gewoon “ach vandaag heb ik een slechte dag, morgen weer beter” maar na verloop van tijd realiseer je je dat je weer bergaf gaat.

Moeilijk, hard en je weet dat er niets aan te doen is.  En dan stel je jezelf natuurlijk de vraag “zou ik weer een andere behandeling overwegen ?  Zou een andere aanpak een blijvend resultaat opleveren ? “

Niemand die het weet, maar na verloop van tijd wil je alles proberen om toch maar beter te worden.  En dat ga ik dus opnieuw doen.  Proberen. Beter worden.  Sterk zijn en soms weer niet.

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.